Waarom word ik soms ineens ‘overgenomen’?
Misschien herken je het.
Je reageert ineens veel heftiger dan je zelf zou willen.
Een opmerking, een blik, een toon — en bam: je zit er middenin.
Je zegt dingen die je later anders had willen zeggen.
Je sluit je af, valt uit, wordt klein of verdwijnt emotioneel.
En achteraf denk je:
“Waarom deed ik dit?”
“Zo ben ik blijkbaar gewoon.”
Maar wat als dat niet waar is?
Wat er gebeurt als een trigger je overneemt
Een trigger is geen rationele reactie.
Het is een lichamelijke activatie.
Je zenuwstelsel schiet razendsnel in een oude stand:
-
je hartslag versnelt
-
je adem stokt of versnelt
-
je spieren spannen zich aan
-
je denkt minder helder
Je bent niet meer volledig in het hier-en-nu.
Je lichaam reageert alsof er iets ouds opnieuw gebeurt.
En omdat dit zo automatisch gaat, voelt het alsof:
“Dit ís wie ik ben.”
Of:
“Hier kan ik toch niets aan doen.”
Waarom het zo definitief voelt
Triggers voelen niet als reacties,
maar als waarheden.
Dat komt omdat ze hun oorsprong niet hebben in het heden,
maar in onverwerkte kindpijn.
Op momenten in je jeugd waarop je:
-
niet gezien werd
-
je gevoelens moest inslikken
-
je aanpaste om liefde te behouden
-
geen veilige plek had voor boosheid, verdriet of angst
Je lichaam heeft toen iets heel slims gedaan:
het heeft overlevingsstrategieën opgeslagen.
Niet als herinnering in woorden,
maar als reactiepatroon.
De verwarring: “Dit ben ik”
Omdat deze patronen zo vroeg zijn ontstaan,
waren ze er al vóórdat je een volwassen identiteit had.
Dus voelt het niet als:
“Ik heb een reactie.”
Maar als:
“Ik bén zo.”
Niet omdat het waar is,
maar omdat je het al zo lang met je meedraagt.
Je systeem heeft nooit geleerd dat het anders kan.
Dat er keuze is.
Dat je vandaag meer veiligheid hebt dan toen.
Triggers zijn geen karaktertrek
Een trigger is geen persoonlijkheid.
Het is geen gebrek.
Het is geen bewijs dat je ‘moeilijk’ bent.
Het is een oud deel dat opspringt wanneer iets lijkt op vroeger.
En zolang dat deel niet herkend wordt,
blijft het de leiding nemen.
Niet uit zwakte —
maar uit trouw aan hoe jij ooit moest overleven.
De sleutel ligt niet in controle, maar in herkenning
Je hoeft jezelf niet te veranderen.
Je hoeft niet “beter te reageren”.
Wat het meeste verschil maakt is dit zachte moment:
“Ah… dit is een trigger.”
“Dit voelt groot, omdat het oud is.”
Vanaf daar kan je lichaam langzaam leren:
-
ik ben nu veilig
-
dit is niet toen
-
ik mag pauzeren
En juist dát opent de deur naar keuze, ruimte en verzachting.
Tot slot, als dit resoneert
Als je jezelf herkent in het gevoel
“zo ben ik nu eenmaal”
weet dan dit:
Wat ooit nodig was om te overleven,
hoeft niet te blijven bepalen wie je vandaag bent.
Herkennen is geen zwakte.
Het is het begin van thuiskomen bij jezelf.